Tweede Kamer keurt rechtsvermoeden bij laag uurtarief goed
Nieuws & Wetgeving
Collin Leijenaar
Nieuws & Wetgeving
04/28/2026
2 min
0

Tweede Kamer keurt rechtsvermoeden bij laag uurtarief goed

04/28/2026
2 min
0

De Tweede Kamer heeft het wetsvoorstel rechtsvermoeden werknemerschap bij een laag uurtarief aangenomen. De Eerste Kamer heeft het laatste woord, maar de invoering is daarmee een stap dichterbij. Beoogde ingangsdatum: 1 januari 2027.

Voor opdrachtgevers die werken met zzp'ers onder een uurtarief van €38, in 2027 door cao-indexatie naar verwachting rond €39, betekent dit een omkering van de bewijslast.

Hoe het werkt

Een zelfstandige met een uurtarief onder de grens kan straks bij de rechter stellen dat de arbeidsrelatie feitelijk een dienstverband is. Wordt dat ingeroepen, dan ligt het op de weg van de opdrachtgever om aan te tonen dat de werkende echt zelfstandig is. Slaagt die daar niet in, dan krijgt de werkende dezelfde rechten als een werknemer in loondienst: doorbetaling bij ziekte, ontslagbescherming, opbouw van premies.

Het beroep op het rechtsvermoeden kan alleen worden gedaan door de zzp'er zelf, of door een vakbond namens die zzp'er. Het is een civielrechtelijk middel. De Belastingdienst, UWV en Arbeidsinspectie hebben er geen handhavingsbevoegdheid mee gekregen. Die organisaties blijven werken vanuit hun eigen wettelijke kaders, zoals de Wet DBA en de gezichtspunten uit het Deliveroo-arrest.

Geen verbod, wel druk vooraf

De wet stelt geen minimumtarief in. Werken onder de €38 blijft toegestaan. Het effect zit in de preventieve werking. Opdrachtgevers gaan vooraf strenger kijken naar de aard van de relatie, omdat de bewijslast bij een geschil bij hen komt te liggen. Dat is precies wat de wetgever beoogt.

Indexatie via cao-lonen

In het oorspronkelijke voorstel zou de tariefgrens jaarlijks meebewegen met het minimumloon. Dat is gewijzigd. De grens wordt nu geïndexeerd op de gemiddelde cao-loonontwikkeling, los van politieke besluitvorming over het minimumloon. Dat punt kreeg in de Kamer brede steun en wordt gezien als een stabielere basis voor jaarlijkse aanpassing.

Tweede deel verschuift naar Zelfstandigenwet

Oorspronkelijk zat het rechtsvermoeden samen met een verduidelijkend toetsingskader in één wetsvoorstel: de VBAR. Dat dossier is opgeknipt. Het verduidelijkingsdeel is uit deze wet gehaald en gaat door in de Zelfstandigenwet, met als beoogde ingangsdatum 1 januari 2028.

Voor het kalenderjaar 2027 ontstaat daarmee een tussenperiode. Het rechtsvermoeden geldt dan al, de wettelijke verduidelijking nog niet. Juist die verduidelijking — wanneer is iemand zzp'er, wanneer werknemer — is wat opdrachtgevers en zelfstandigen het hardst nodig hebben. Dat blijft een jaar langer uit.

Geen overgangsrecht

De wet werkt vanaf de inwerkingtredingsdatum direct door op alle bestaande overeenkomsten. Een docent met een contract uit 2022 kan zich op de eerste werkdag van 2027 op het rechtsvermoeden beroepen. Voor opdrachtgevers betekent dat: niet wachten op contractverlenging, maar nu al de relatie met zzp-medewerkers tegen het licht houden.

Wat dit betekent voor muziek-, dans- en theaterscholen

Sinds 1 januari 2025 handhaaft de Belastingdienst actief op de Wet DBA. Daar komt nu het rechtsvermoeden bovenop.

In de muziek-, dans- en theaterwereld werkt een groot deel van de zzp-docenten onder de tariefgrens van €38. Bij scholen die met een omzetdeling werken, levert een lestarief van €45 voor een leerling vaak een netto-uurtarief van €27 tot €33 voor de docent. Dat geldt ook voor jonge docenten en muziekstudenten die als zzp'er bijklussen. Een poging om voor jongeren tot 21 jaar een lagere grens vast te leggen, haalde geen meerderheid in de Kamer.

De Kunstenbond heeft zich expliciet positief uitgesproken over de wet. Vakbondsleden in de culturele sector kunnen daardoor bij een procedure rekenen op hun bond.

Hoe Novae Popschool dit heeft opgelost

Bij Novae Popschool werken we sinds 2020 met een opzet waarin docenten daadwerkelijk zelfstandig ondernemen. Geen juridische constructie. Bedrijfsvoering. De aanloop daarnaartoe heeft jaren gekost, met arbeidsrechtsadvocaten en notarissen aan tafel.

De kern: docenten voeren hun eigen leerlingenadministratie, stellen hun eigen tarieven vast, dragen hun eigen risico, doen hun eigen marketing en werken zonder gezagsverhouding met de school. De school is infrastructuur en faciliteiten. De docenten zijn de ondernemers. Een rechter kijkt naar hoe het in de praktijk loopt, niet alleen naar wat er in het contract staat. Daar is de hele opzet op gebouwd.

Die structuur draait nu ruim zes jaar zonder ingrepen. Hij voldoet aan de Wet DBA, aan de gezichtspunten uit het Deliveroo-arrest, en straks ook aan het rechtsvermoeden. Op deze werkwijze is Klario gebouwd, het besturingssysteem voor muziek-, dans- en theaterscholen die met zzp-docenten willen blijven werken zonder juridisch risico te nemen.

Tot 1 januari 2027 zijn het ongeveer acht maanden. Voor schooleigenaren die er nog mee aan de slag moeten, is dat niet veel.

Wil je hier hulp bij? Neem dan contact met ons op.

Reacties
Categorieën